UZBEKISTAN PART 2 – IMPRESSIVE CITIES & MORE ADVENTURES

Wat is het weer heerlijk om de vrijheid te genieten die onze auto ons geeft. We gaan en staan waar we willen, slapen waar we willen en veranderen de plannen indien nodig onmiddellijk. We zijn niet afhankelijk van gedeelde taxi’s die pas gaan wanneer ze vol zitten en we hoeven niet na te denken over het kopen van treinkaartjes of vliegtickets om van A naar B te komen. Oezbekistan komt ons helaas niet compleet tegemoet in ons gevoel van ultieme vrijheid, maar na het backpacken afgelopen winter en het “afhankelijk zijn van”, kunnen wij goed leven met de registratieplicht van dit land. In Oezbekistan is een ieder verplicht zich iedere derde dag te registreren in een hotel, hostel, guesthouse of homestay. Op het moment dat je het land uitgaat moet je jouw briefjes die je ter registratie krijgt, kunnen overleggen met de grenscontrole.

Het is zo een genot om met je eigen auto te reizen

Een beetje plannen was dit keer dus een vereiste. We hadden inmiddels een nacht bij Raxmat en zijn familie geslapen en kwamen de volgende dag bij Ruslan en zijn familie terecht. Na twee geregistreerde nachten konden we dus rustig richting woestijn om daar op weg naar Nukus twee nachten te kamperen. Gelukkig genieten we de vrijheid zoals eerder beschreven, want toen we vanuit de Kupkari wedstrijd richting de woestijn reden besloten we om compleet de andere kant op te gaan. De lucht was namelijk bruin gekleurd van al het zand dat met heftige windstoten om ons heen werd geslingerd. Dani kon vanwege haar lenzen buiten niet eens haar ogen openen en Tom, zonder lenzen, zag al niet veel meer. Het idee om twee nachten te gaan kamperen in de woestijn leek ineens een stuk minder aantrekkelijk. Dus gingen we eerst naar Bukhara en besloten we onze geplande route nu in tegenovergestelde richting te rijden, een mega goed idee bleek zo.

Voor Rummi met Sang (zuid-Korea) en Fred en Janine (Duitsland) Tom had overigens net onder de auto gelegen

Uzbekistan




Indruk van Bukhara

Going to Bukhara first turned out to be a good decision with some nice surprises. Rumi Hostel in Bukhara was one of the few hostels in Central Asia where we were lucky to meet other overlanders. We

Bukhara bleek namelijk vol verrassingen en gezelligheid te zitten. Rumi Hostel in Bukhara is een van de weinige hostels in Centraal Azië en in Oezbekistan waar we het geluk hadden een aantal andere “overlanders” te treffen. We leerden onder andere een Duits stel kennen die in hun Fiat Ducato ongeveer dezelfde weg hadden afgelegd als wij. Maar ook leerden we eindelijk Sang in “real life” kennen. Met deze enthousiaste Koreaan, die zijn route van Vladivostok tot aan Bukhara al compleet heeft afgelegd op de fiets, had Dani al via Instagram contact gehad. We wisten nog niet of en wanneer we elkaar zouden zien, maar dat bleek, compleet toevallig, in Bukhara te zijn. Nina en Taylor en Cami en Ana, waar we al een avond mee hadden doorgebracht in Tashkent, waren ook nog in Bukhara. Het was echt super gezellig. Naast deze gezelligheid waren we ook nog eens compleet onder de indruk van de schoonheid van deze stad en de relaxte sfeer die er hangt. We slenterden een dag door de stad, stopten wanneer we zin hadden om thee of koffie te drinken en kwamen tijdens deze pauzes iedere keer weer gezellige mensen tegen. ‘s Avonds aten we met z’n allen en de volgende dag vervolgde iedereen zijn route in een andere richting.     

Voorbereidingen voor de avond kamperen met Sang

Behalve Sang en wij, wij gingen dezelfde kant op. Sang op de fiets en wij met de auto. Hij vertrok ‘s ochtends, wij ‘s middags en we troffen elkaar ergens op 80 kilometer vanaf Bukhara. We hadden een mooi plekje gevonden om te kamperen, Sang had onderweg nog een grote fles bier gescoord en wij hadden ‘s ochtends op de markt nog boodschappen gedaan. Het was een heerlijke avond, we dronken bier, thee en vodka en aten een door Dani in elkaar gefabriceerde maaltijd. We genoten van de warmte van het kampvuur dat we hadden gemaakt en van de gezelligheid. Het was echt een perfecte kampeeravond en het was dan ook jammer dat we de volgende dag afscheid moesten nemen van elkaar. Wij zouden in één dag doorrijden naar Khiva, Sang zou er vier dagen over doen.

Hier komt onze held aangefietst op de caping spot

Dat was een fantastisch nachtje kamperen met elkaar

  Khiva is bijzonder, anders en bijna onrealistisch. De goed bewaarde, historische binnenstad trekt ieder jaar veel toeristen. Gelukkig waren die hordes toeristen nog ver van Khiva verwijderd toen wij er waren en konden we deze prachtige straatjes op ons dooie gemak ontdekken. Tenminste, niet helemaal op ons dooie gemak, het was namelijk ontzettend koud geworden. Temperaturen lagen net onder het vriespunt en de gure wind maakte slenteren door de stad niet erg aantrekkelijk. Gelukkig kost een pot thee op de meeste plekken niet meer dan €0,30 en  konden we ons dus af en toe een pauze gunnen om ons op te warmen. Bukhara is prachtig, maar ook van Khiva waren we weer compleet onder de indruk. Wat heeft Uzbekistan toch een prachtige steden en we werden langzaam ook steeds nieuwsgieriger naar Samarkand, de parel van Oezbekistan. Maar zover waren we nog niet, na twee nachten in Khiva vonden we het wel tijd om verder te gaan. Onze Suzuki was het hier nog niet helemaal mee eens en hield ons nog een halve dag op in Urgench, een grotere stad op ongeveer een half uurtje rijden van Khiva.




Een klein overzicht van Khiva

Zoals op veel plekken die we het afgelopen jaar hebben bezocht gaan de dingen net even anders dan dat wij gewend zijn in Europa. Zo ook in Urgench, tijdens ons bezoekje aan de autogarage. De aandrijfashoes moest vervangen worden en we zochten al even naar een garage, eindelijk hadden we er een gevonden. Rond half 12 begonnen ze aan de auto te werken en hoewel het vervangen van de aandrijfashoes niet moeilijk is, kost het wel wat tijd. Dus kwamen ze in de knoop met lunchtijd. De garage eigenaar vroeg al een keer of we honger hadden, maar dat wuifden we beleefd weg. Een half uurtje later, rond half één vroeg hij iets directer of we Plov, een traditioneel Oezbeeks gerecht, wilden gaan eten. We keken elkaar aan en ja, waarom niet. Samen met twee monteurs stapten we in de auto bij de garage eigenaar en reden we de hele stad door. Ergens waar je dan niets meer verwacht, behalve ellende stopten we. Een enorme bak Plov stond op een open vuur en binnen was het een drukte van jewelst in deze kantine. Het verf bladderde van de muren en de tl-lichten deden hun werk. HIer zaten we dan, met zo’n vijftig andere mannen, want vrouwen waren er alleen maar aan het werk, te wachten op ons bordje Plov. Google Translate hielp ons om een klein gesprek te voeren en daarnaast keken we vol verbazing naar alle bedrijvigheid om ons heen. Terug in de garage moesten we nog zo’n twee uur wachten en toen was de auto klaar, €20,- lichter, maar met twee nieuwe aandrijfas hoezen en een volle buik verlieten we de garage.

Daar hing die dan voor twee nieuwe ashoezen

Het was nog steeds erg koud, maar met in ons achterhoofd dat Sang nog steeds op de fiets zat en iedere dag kampeerde, vonden we dat we ons niet mochten aanstellen en besloten we dus hetzelfde te doen. Op anderhalf uur rijden van Urgench liggen wijd verspreid op vijftig verschillende plekken de overblijfselen van verschillende forten. De een mooier, groter en indrukwekkender dan de ander. We bezochten een van deze ruïnes en klapten onze tent hier in de buurt uit. De kou was ijzig en ondanks dat er niet veel bruikbaar hout lag waren we beide enorm gemotiveerd om alles wat we konden vinden te sprokkelen zodat we later wat warmte konden vinden bij het kampvuur. Dikke lagen kleren aan en warme soep maken. Dani sneed de tomaten met haar handschoenen aan we bleven thee drinken om een soort van warm te blijven. Het kampvuur was fijn, maar zeker niet bevredigend, het bleef koud, ook in de tent. We hadden met elkaar afgesproken dat we niet mochten zeuren, maar toen we de volgende ochtend wakker werden en zagen dat de fles water die ‘s nachts in de tent had gelegen, bevroren was, vonden we onszelf best wel bikkels. We bezochten die ochtend nog enkele ruïnes en reden daarna door naar Muynaq, een lange weg in een warme auto. Wat hadden we het toch goed.


De eeuwenoude forten gelegen op anderhalf uur rijden vanaf Khiva

De nacht kamperen begon met een mooie zonsondergang, maar na een nacht slapen was dit het resultaat bij zonsopkomst.

In Muynaq liggen een aantal scheepswrakken, overblijfselen en bewijzen van een van ‘s werelds grootste milieurampen veroorzaakt door de mens. Het ooit gigantische Aral meer, gelegen op de grens tussen Kazachstan en Oezbekistan, behoorde tot één van de vier grootste meren ter wereld. Sinds 1960 krimpt het meer in rap tempo. Hoofdoorzaak van het verdwijnen van het Aralmeer zijn verschillende irrigatieprojecten uit de Sovjettijd waarvoor de rivieren die het Aralmeer vullen werden afgetapt en omgelegd. Het is een triest verhaal en de scheepswrakken, maar ook de koeien en kamelen die nu lopen op de bodem waar vroeger de vissen leefden, zijn het grootste bewijs hiervan.



Het treurige maar toch fotogenieke beeld van Muynaq

Na een nacht in Nukus in een hotel te hebben verbracht vanwege de registratie is het nu dan tijd om onze route door de woestijn te vervolgen. Langzaam rijden we richting Samarkand, langzaam want de weg is slecht, heel slecht. Gaten, kraters, kapot asfalt, harder dan 20 kilometer per uur kunnen we niet rijden. We gaan door, kamperen in de woestijn en komen er in the “f*cking middle of nowhere” achter dat onze koelslang lek is. Niet ideaal, vooral niet omdat hij vrij hard lekt en we nog maar net iets minder dan een halve fles koelvloeistof in de auto hebben liggen. Gelukkig weet Tom de situatie te redden en met wat tape en tie rips om de koelslang hobbelen we verder. We zien vooral veel woestijn, weinig mensen en de dorpen die we tegenkomen zijn uit de grond gestampt voor werknemers van bedrijven die hier grondstoffen uit de bodem halen. De tape houdt goed en al moeten we onze gereedschapskist nog een keer tevoorschijn halen, is dat dit keer niet omdat wij zelf problemen hebben. Tom loopt met gereedschap heen en weer en helpt een aantal lokale mannen met het wisselen van de band van hun busje. De tieners die in het busje zaten en verveeld buiten staan te wachten komen nieuwsgierig naar Dani om haar dingen te vragen en selfies te maken. We kamperen nog een nacht bij een meer en dan rijden we naar Samarkand, onze laatste grote stop in Oezbekistan.

een paar tie rips en wat tape hebben ons gered

Samarkand is prachtig of is er een overtreffende trap van dit woord, want dan bedoelen we dat. Hoewel we Bukhara een iets meer relaxte stad vonden om doorheen te slenteren, omdat het centrum kleiner en autovrij is, heeft Samarkand overduidelijk de meest indrukwekkende moskeeën, madrassa’s en mausoleums. Ze zijn immens, prachtig en indrukwekkend. Onze dagen in Samarkand waren, ondanks dat het extreem druk was in de stad in verband met de nationale feestdag Navruz, heerlijk. De lente was begonnen en ‘s middags liepen we in ons t-shirtje in de zon over straat. We stonden vroeg op om sommige attracties in alle rust te kunnen bekijken. Het was namelijk niet alleen druk, maar twee Europese toeristen trekken natuurlijk aandacht. De vele mannen op straat wilden allemaal op de foto met Tom en iedere keer opnieuw werden de Nederlandse namen van oud voetballers naar ons hoofd geslingerd. We bleven uiteindelijk vier dagen in Samarkand en vanuit hier reden we via een kleine omweg naar de grens met Tajikistan.

Onze nieuwe vrienden in Samarkand






Samarkand

We hadden er drie weken opzitten in dit prachtige land, wat was het een feest. Met onze kapotte koelslang rijden we naar Tadzjikistan, daar wachten we op een nieuwe. Onderweg naar de grens doen we nog een aantal dorpjes aan en halen we wat boodschappen op de bazaar. Oezbekistan we hebben van je genoten, de gastvrijheid en de toegankelijkheid van de mensen, de prachtige steden en de verrassende natuur. We kamperen nog één nacht en dan is het tijd voor een volgend avontuur: Tajikistan en het rijden van de Pamir Highway. We zijn er klaar voor!

Klik hier voor meer foto’s