PHILIPPINES PART 1 – STINKY MANILA & BEAUTIFUL BATAD

Manilla, Filipijnen een groter contrast met Japan is bijna niet denkbaar. Van een schoon, gestructureerd land naar een vieze, stinkende en extreem chaotische stad. Mensen liggen overal op straat, tussen het afval staan eetstandjes en kinderen bedelen onafgebroken om geld. Dat Manilla geen droombestemming was dat wisten we al lang, maar dat het zo onaantrekkelijk was hadden we niet kunnen bedenken. Er heerst veel armoede in de Filipijnen en zeker in Manilla wordt je daar bij iedere stap die je buiten de deur zet aan herinnerd. Met 1,8 miljoen mensen in de stad zelf is het redelijk overbevolkt en je vindt er dan ook veel sloppenwijken. Het contrast is enorm wanneer je dan een mega winkelcentrum inloopt. Er wordt veel geld uitgegeven en deze realiteit komt hard binnen. In het winkelcentrum hadden we het gevoel even aan de chaos te kunnen ontsnappen, maar ook wordt snel duidelijk dat die ontsnapping niet voor iedereen is weggelegd. Het is een harde stad en ondanks dat Manila ons hart niet heeft kunnen veroveren was ons bezoekje aan de stad wel even een flinke reality check!  

We verlangden ontzettend naar het strand en de zon. Eind september hadden we al sneeuw gehad in Armenië en daarna is het in Iran nog wel even warm geweest, maar daar konden we natuurlijk niet heerlijk in onze korte broek rondslenteren. Zo’n lange winter waren we na een leven in Mallorca niet meer gewend. Echter voordat we op een van de prachtige witte stranden van de Filipijnen konden neerploffen gingen we nog een bezoekje brengen aan Batad, aan DE rijstvelden van Zuidoost-Azië. Na de meest verschrikkelijke busreis ooit kwamen we na ongeveer tien uur rijden langzaam in de buurt van onze eindbestemming. We dachten best wel wat gewend te zijn nadat we twee jaar geleden in Cuba vierentwintig uur in een bus hadden gezeten, een bus die enkel en alleen over onverharde hobbelwegen reed, maar dit was minstens zo oncomfortabel. De bussen waren niet gebouwd om in te slapen en de beenruimte was zo minimaal dat een van de reizigers, een lange, brede, forse man midden in het gangpad is gaan liggen om op die manier nog een beetje slaap mee te kunnen pakken. Niet dat dat er heel ontspannen uitzag. Ongeveer een half uur voordat we in Banaue aankwamen kwam de zon op en konden we zien hoe onze omgeving zich compleet veranderd had in de afgelopen uren. We waren in de bergen, het was prachtig groen en al konden we de frisse lucht nog niet inademen, we wisten dat we in de buurt waren.

First day at the ricefields

In Banaue hebben we ontbeten en een gids geregeld. Wandelen tussen de dorpen en de rijstvelden zonder gids is eigenlijk geen optie. De smalle, gladde en steile paden zijn een uitgelezen kans om te verdwalen. Na dus meer niet dan wel geslapen te hebben vertrokken we vol goede moed aan een pittige hike van ongeveer zes en half uur naar Batad. Onze grote rugzakken hadden we in Manilla gelaten en met onze weekend rugzakjes om begonnen we te lopen, achter onze gids aan. Tijdens het eerste stuk waren de uitzichten al prachtig. We liepen over een breed modderpad en hoewel we meer dan eens onze wandelschoenen vervloeken omdat ze groot en onhandig zijn voor in de rugzak, waren we nu toch weer ontzettend blij dat we ze hadden. De uitzichten werden tijdens het tweede deel van de hike niet slechter. We ruilden de vergezichten in voor kleine dorpjes en prachtige rijstvelden. We liepen, werkelijk waar, midden door deze prachtige terrassen. Hier en daar waren de paden glibberig en de afgronden diep, maar we genoten met opperste concentratie van alles om ons heen. Toen we bij het laatste deel van onze wandeling aankwamen waren we beide zo lijkbleek van het slaapgebrek, dat Casper het spookje zelfs nog meer kleur had in zijn gezicht. Daarnaast begon de vermoeidheid in onze benen langzaam toe te slaan. Het laatste stuk was dus nog even door bikkelen, maar dat was het zeker waard. Via extreem steile trappetjes vonden we onze weg naar een prachtige waterval. Het geweld waarmee dit water naar beneden donderde was overweldigend. In het water, onder de waterval zit dan ook nog een gat van 35 meter diep waar je als je niet oppast zo wordt ingezogen. Wij besloten daarom ook maar om het zwemmen te bewaren voor in de zee.


Vermoeid kwamen we aan bij ons guesthouse en we verlangden naar een heerlijke douche. Helaas mochten we blij zijn dat we elektriciteit hadden toen we aankwamen, want alle verdere vormen van luxe waren uitgesloten. Douchen moest met een emmer water en een bakje en het toilet was net zo groot als het toilet waar we voor het laatst op hadden gezeten als kleuters op de basisschool. Na ongeveer een uur viel de elektriciteit uit en die hebben we ook niet meer terug zien komen. Gelukkig maakte het uitzicht vanaf het balkon alles goed en met ons welverdiende biertje in de hand raakten we in gesprek met Lieke en Derk, een Nederlands stel dat ook een jaar op reis is. We hadden een mega gezellige avond en deelden veel opgedane ervaringen met elkaar. Dit was het grote voordeel van reizen met onze backpack in plaats van met de auto, we kwamen zoveel medereizigers tegen. Veel mensen van onze leeftijd, die net als wij er een tijdje tussenuit gaan om al het moois van de wereld te ontdekken. Het was die avond snel laat en vermoeid van onze busreis en de stevige wandeling vielen we als een blok in slaap.



Batad

De wekker ging vroeg de volgende ochtend want Dani had het briljante idee om de prachtige zonsopkomst te bekijken. Enthousiast stapte ze om zes uur uit bed om vervolgens op een grote witte, dikke mistwolk te stuiten boven de rijstterrassen. De kans dat je een zonsopkomst in dit gebied ziet is niet zo heel groot zeker niet in deze tijd van het jaar. Maar als je de zonsopgang daar zou kunnen zien dan moet deze vast en zeker adembenemend zijn. Geen zonsopgang dus, wel nog twee uurtjes extra slaap. Het bleef ’s ochtends verder een beetje regenen, dus ontbeten we rustig, kletsten met de eigenaresse van het guesthouse over haar toekomstige bruiloft en genoten we van het veranderende uitzicht door de bewegende mistwolken. Toen het droog was gingen we op pad met de broer van de eigenaresse, hij leidde ons nog dieper door de rijstvelden en bracht ons naar prachtige plekjes. Na een wandeling van ongeveer drie uur kwamen we aan in een klein dorpje waar we een tricycle regelde die ons terug naar Banaue bracht en terwijl we een plekje vonden om ’s middags wat te eten kwam het met bakken uit de lucht. Wat een geluk hadden we weer gehad. Die avond stond dezelfde horror rit op het programma als op de heenweg. Om vijf uur ’s ochtends kwamen we terug bij het hostel. Daar waren ze zo aardig om ons direct op onze kamer te laten. Wederom vielen we als een blok in slaap.

Food tour Manila

Door een kleine miscommunicatie tussen ons beide hadden we een dag teveel in Manilla. We maakten dus gebruik van de situatie om op z’n minst één goede herinnering aan deze stad over te houden. We gingen op een foodtour door de oudste Chinatown ter wereld: Binondo. We leerden over de lumpia, de echte dumplings, kregen een overvloed aan eten en aan informatie over dit bijzondere deel van de stad. Onze gids was hilarisch en met een overdosis aan zelfspot zorgde hij voor een onvergetelijke tour. Zo hebben we toch nog wat leuks en absoluut leerzaams overgehouden aan ons bezoekje aan het onaantrekkelijke Manilla.

Klik hier voor meer foto’s.